Beelddenken En Autisme

Een hele kleine groep beelddenkers “fotografeert” de lesstof. Vaak zien we dit terug bij mensen in het autistisch spectrum

Autisme en Beelddenken

Gerelateerde afbeelding

Autisme en beelddenken kan tegelijkertijd voorkomen. Veel mensen met autisme hebben een voorkeur voor de visuele leerstijl (beelddenken). Het verschil tussen autisme en beelddenken is vaak dat beelddenkers vanuit het geheel (totaaloverzicht) werken en mensen met autisme de wereld vaak in details waarnemen. Het overzicht verkijgen kan voor mensen met autisme makkelijker gaan door dingen visueel te maken.

Autisme Spectrum Stoornis (ASS)

ASS is onder te verdelen in:

* Autistische stoornis

* Asperger

* Pervasieve ontwikkelingsstoornis (PDD-NOS)

* Desintegratieve stoornis

* Syndroom van Rett

Kenmerken van ASS

Kenmerken van autisme kunnen per persoon verschillen. Ook zijn kenmerken regelmatig minder duidelijk wanneer iemand met autisme zich op zijn gemak voelt, en kunnen ze op de voorgrond treden wanneer iemand zich onder druk voelt. De volgende kenmerken worden in het algemeen onderkend, maar hoeven zich niet bij iedereen met autisme voor te doen.

Sociaal gedrag: mogelijk moeite met verstaan en begrijpen van sociaal gedrag; wederkerigheid vindt onvoldoende plaats.

Communicatie: mogelijk moeite met wat gezegd wordt en vooral met wat niet gezegd wordt; betekenisgeving (zoals wij veronderstellen) is niet of onvoldoende aanwezig.

Fantasie: mogelijk een gemis aan verbeelding die nodig is om de wereld te begrijpen; waarnemen en verbeelding wordt direct gekoppeld.

Beelddenken en “Lege” woorden


Bij een aantal woorden kan je geen beeld oproepen: geen, niet, de, het, een, omdat, die, dat, hulpwerkwoorden, enz. Een beelddenker onthoudt beelden. Dus hoe moet je een woord onthouden als er geen beeld bij hoort?! Deze woorden zeggen je niks en tijdens het lezen sla je deze woorden waarschijnlijk over. Begrijpend lezen is dan ook een probleem

Beelddenken en dyslexie

Beelddenkers zien letters als losse plaatjes. Volgens kleine kinderen: “De letters zijn bijna allemaal hetzelfde want b = d = p = q”. Klanken worden daarom niet op juiste wijze aan deze plaatjes gekoppeld.

Als beelddenkers lezen, slaan ze vaak de woorden zonder beeld over: de, het, dat, hulpwerkwoorden enz. Als ze stil lezen, kunnen ze dus heel snel lezen. Het leesproces komt bij deze leerlingen pas op gang als ze woordbeelden hebben gevisualiseerd. Ook bij beelddenkers met dyslexie.

Beelddenken en dyscalculie

Het inzichtelijk rekenen heeft de afgelopen jaren veel problemen opgeleverd voor de beelddenker in de klas. De opbouw van deze lesstof bestaat uit losse stukjes en niet top-down vanuit een totaalbeeld. Soms wordt gesproken over dyscalculie.

Cijfers zijn abstract, dat maakt rekenen moeilijk. Of beelddenkers blinken juist uit in rekenen, doordat ze het zien als puzzelen!

Veel beelddenkers leren fonetisch (op klank). Vijfentwintig, je hoort eerst de vijf en dan pas de twee. Toch schrijf je 2-5. Vaak schrijven ze eerst de vijf en dan de twee ervoor. Of op jonge leeftijd: 5-2.

Cijfers staan bij beelddenkers vaak niet achter elkaar, het zijn losse plaatjes. 28 klinkt hoger dan 30 (30 is een drie met een nul, drie dus).

Slechte planning en weinig tijdsbesef

Beelddenkers staan bekend om chaos! Werken met visuele planborden, taken afbakenen en de dagindeling helder houden kan de nodige rust opleveren.

Bij beelddenkers draait de interne klok vaak te snel. Daarom worden er onmogelijk veel zaken op een dag gepland. Of worden taken tegelijkertijd uitgevoerd. Dit kan zeer uitputtend zijn. Voor kleine kinderen kan je de tijd visueel maken met bijvoorbeeld een grip-op-de tijd-horloge.

Beelddenken en topdown leren

Een niet-beelddenker verzamelt informatie en maakt daar een geheel van. Een beelddenker kijkt vanuit een totaalbeeld en bouwt dit niet op vanuit losse deeltjes. Hij is wel in staat om vanuit een geheel terug te beredeneren (omgekeerd leren). In het onderwijs wordt informatie altijd opgebouwd, een bijna onmogelijke opgave voor een beelddenker. Je kunt jezelf aanleren om eerst het totaalbeeld te overzien (bijvoorbeeld eerst de samenvatting lezen voordat je de lessen gaat volgen) om vervolgens terug te beredeneren om de lesstof in de klas te kunnen volgen. Dit noemen we topdown leren. De lesstof vertalen naar beelddenken betekent dus visualiseren en topdown leren.

Details over het hoofd zien

Een beelddenker ziet het totaal en heeft weinig oog voor details. maak daarom gebruik van computers, spelling-check, controle door derden enz.

Primair voorkeursdenken

Direct behoefte willen vervullen (primair voorkeursdenken), heeft impulsief gedrag als gevolg. Daarom is het moeilijk om geduld op te brengen. Soms helpt het om in te spelen op het gevoel. Zelf beelden laten oproepen (visualiseren) van de situatie en de mogelijke (negatieve) gevolgen. In sommige gevallen kan afleiden de oplossing bieden.

Beelddenkers denken vanuit een totaalbeeld. De lesstof is net een grote puzzel van 1.000 stukjes. Op de voorkant van de puzzeldoos staat het voorbeeld. Maar die voorkant krijg je niet te zien op school. Elke week krijg je een paar losse stukjes van de puzzel. Een beelddenker wil juist de voorkant van de doos zien, want dan pas weet de leerling waar hij of zij de puzzelstukjes moet plaatsen. Bijvoorbeeld een stukje van een boom. Visuele leerlingen bundelen informatie graag. Vooraf wordt bedacht waar het stukje bij zou kunnen horen. Bijvoorbeeld een bos. Uiteindelijk kan het zo zijn, dat het totaalbeeld een eiland is. Zat je er toch mooi naast.

Denkwijze, sorteergedrag beelddenker

Op school wordt het lesmateriaal logisch opgebouwd. Kleine stukjes informatie worden uiteindelijk een geheel. Dit is voor een beelddenker geen makkelijke opgave! De losse stukjes gaan een eigen leven leiden en dragen niet bij aan het geheel. Want de beelddenker koppelt nieuwe informatie graag aan bestaande informatie. In het geheugen gaat hij op zoek naar verbanden vanuit verschillende gezichtspunten (drie-dimensionaal denken).

Beelddenken op school

Leerlingen die in beelden denken, moeten eerst het eindresultaat ‘zien’ of de samenvatting vooraf lezen. Anders wordt de lesstof in het verkeerde ‘vakje’ opgeslagen. Deze kinderen bundelen de informatie dan aan eigen informatie / herinneringen zoals in het onderstaande voorbeeld.

beelddenken school

Les 1 op school: De meester bespreekt het varken.
“Ik ben naar de bioscoop geweest naar Babe het varkentje.” De informatie verdwijnt in het hoofd in dit vakje.

Les 2 (week later): De meester bespreekt de koe.
“Bij de Mc Donalds zijn de hamburgers van koeien gemaakt. Ze hebben daar een ballenbak!”

Les 3 (weer een week later): De meester bespreekt de kip.
“Mijn hond heeft een speelgoed-kip. Ik speel vaak met mijn hond in de tuin.”

Na drie weken zegt de juffrouw: “Zo, we hebben de dieren van de kinderboerderij besproken”. Bij de beelddenker passen de in zijn hoofd gevormde bioscoop, ballenbak en rubberen kip niet in de kinderboerderij.

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

error: Content is protected !!

Shopping cart

Subtotal
Shipping and discount codes are added at checkout.
Checkout
%d bloggers liken dit: